Inspiratie, innovatie, transformatie en co-creatie vormen het DNA van onze plek.

Aan het eind van de jaren dertig van de vorige eeuw hadden de paters Augustijnen, die al vele eeuwen in Nederland werkzaam waren in parochies en onderwijs, een innovatief plan: ze wilden naast de  zusters Augustinessen die werkzaam waren in onderwijs en zorg, ook een communiteit van biddende zusters starten, de zogenaamde tweede orde.

De tweede Wereldoorlog kwam ertussen maar de paters lieten hun ideaal niet los. Een groep vrouwen die bereid waren hun leven biddend door te brengen, zou immers een verrijking zijn voor de wereld.

In 1947 hadden de paters een aantal vrouwen bereid gevonden om in te treden en werd de tweede orde, de Monialen Augustinessen, opgericht (Monialen zijn vrouwelijke monniken).  Dat de jonge zusters die in deze nieuwe orde intraden geen voorbeeld hadden betekende dat zij hun eigen inspiratiebronnen moesten kiezen voor hun persoonlijke ontwikkeling en dat zij hun eigen leefregels voor de communiteit moesten maken. Onder leiding van zuster Monica ontstond gaandeweg in gezamenlijk overleg een inspirerende leefgemeenschap waar veel zusters voor de rest van hun leven deel van zouden uitmaken.

Voorgevel-1960-zwIn de jaren daarna groeide het aantal zusters dat een biddend leven wilde leiden gestaag. Er ontstond behoefte aan meer ruimte. Boer Ries Vernooij uit Werkhoven schonk de paters 4 hectare van zijn land. Hier zou, volledig naar de wens en het ontwerp van de zusters, een eigen priorij gebouwd kunnen worden. En zo geschiedde. In 1960 verhuisde de nog jonge communiteit van een tot slotklooster omgebouwd herenhuis in Maarssen naar het speciaal voor hen gebouwde slotklooster in Werkhoven. Ze noemden het klooster ‘Gods Werkhof’. Zuster Gertrudis werd priorin. Vanaf dat moment zou het leven van deze vrouwen eruit zien zoals eeuwen lang in kloosters is geleefd: een geregeld leven van meditatie, gebed, studie en dagelijkse arbeid, in gemeenschap met elkaar, gericht op groeien in liefde en bewustzijn. Hun lijfspreuk werd: ‘Eert in elkander God’.
Om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien maakten en borduurden de zusters tegen betaling liturgische gewaden. Deze werden ontworpen door zuster Theofoor, die voor haar intreden onder haar meisjesnaam Ans van Zeijst naam had gemaakt als kunstenares. Zuster Theofoor was een veelzijdige vrouw. Zij heeft veel grafische ontwerpen gemaakt, o.a. voor bidprentjes, evenals voor kelken en liturgisch aardewerk dat in eigen huis gemaakt werd. Zuster Theofoor heeft een grote bijdrage geleverd aan het ontwerp van de priorij, de inrichting en het meubilair. Veel van deze monumentale meubelstukken zijn nog in huis aanwezig.

afbreken hek uitsnede (Copy)Maar al snel kwam er verandering in hun vaststaande en besloten leven. In het begin van de zestiger jaren werd in Rome het tweede Vaticaans Concilie gehouden. Dit werd het begin van een enorme transformatie naar oecumene en meer openheid in de katholieke kerk. De zusters van Gods Werkhof besloten in deze ontwikkelingen mee te gaan. Letterlijk en figuurlijk braken zij hun eigen hekken af. Na een besloten leven achter slot ontwikkelden zij, in een niet eindigend proces van co-creatie, telkens weer nieuwe vormen van contemplatief leven, afgestemd op de behoeften van henzelf en van de tijd.

De rust, de warmte en de open houding van de zusters trok steeds meer mensen aan. Het waren niet alleen katholieken die bij de zusters naar de kerk kwamen of voor een paar dagen kwamen logeren. Steeds meer ‘andersdenkenden’ vonden bij de zusters een warm onthaal. Vanuit hun lijfspreuk stonden de zusters immers open voor alles wat een mens bezielt. Gods Werkhof werd een plek van inspiratie voor velen, ongeacht hun religieuze achtergrond.

Helaas traden er vanaf de zeventiger jaren geen nieuwe zusters meer in. De communiteit werd ouder. Het werd opnieuw tijd voor een transformatie. En zo ging de priorin in het begin van de jaren negentig op zoek naar een innovatieve organisatie die verder zou gaan op de plek die hen zo dierbaar was geworden. In 1997 hoorden Hans de Wit en Mieke Tollenaar dat de zusters van Gods Werkhof één voor één aan het verhuizen waren naar een zorgcentrum voor religieuzen. Deze priorij, centraal gelegen in Nederland, zou de ideale plek zijn voor de bewustzijntrainingen en meerdaagse leiderschapstrainingen die zij voor organisaties verzorgden. Geïnspireerd door de Boeddhistische traditie hadden zij meditatie tot onderdeel gemaakt van al hun trainingen, wat in die tijd nog zeer ongebruikelijk was.
Vele gegadigden gingen hen voor, maar uiteindelijk besliste de priorin dat zij het van oorsprong katholieke gebouw gunde aan Hans en Mieke die er een open conferentiecentrum wilden starten voor reflectie en persoonlijke ontwikkeling.  Hans en Mieke hadden echter geen enkele ervaring op het gebied van horeca. Zelfs het geld ontbrak hen om deze stap te zetten. Maar met hun visioen voor ogen kwamen er als vanzelf mensen op hun pad met kennis en vermogen. En zo kwam, in een proces van co-creatie, Samaya stap voor stap tot leven. Op 24 mei 1998 werd het gebouw middels het tekenen van een koopovereenkomst door de zusters in handen gelegd van Hans de Wit, Chiel Marckmann en Mieke Tollenaar. Samaya was geboren. Helaas heeft Hans de bloei van Samaya niet mogen meemaken: hij overleed in juli 2000.

Gedragen door een eeuwenlange traditie van Augustijnen en gevoed door de energie van de zusters, biedt Samaya nu ruimte aan mensen en organisaties, voor reflectie, voor retraites en voor persoonlijke en professionele ontwikkeling.
Samaya: een plek met een historie, van en voor inspiratie, innovatie, transformatie en co-creatie. “Het gaat door!” zeggen de drie nog levende monialen Augustinessen verheugd.

Meer historische informatie en informatie over rondleidingen vindt u op de website van de Stichting Gods Werkhof.

 

Terug naar Indoor activiteiten